De tomatenzaden zaaien in "zaai - en stekgrond" rond 10 maart (vroeger kan ook maar uit ondervinding blijkt dat dit weinig verschil geeft met de zaailingen welke vroeger zijn gezet).
Het zaaien is het beste bij kamertemperatuur (+ 20 graden) of met bodemverwarming en dit in kleine potjes of in een zaaibakje,met glas of plastiek afgedekt.Een mini serre is uiteraard geschikt.
De zaadjes in een putje leggen van ongeveer 3 à 5 mm met een onderlinge afstand van 1,5 à 2 cm.
Alles afdekken met wat grond en vochtig maken met een vernevelaar.(hiermee verschuiven de zaadjes niet).
Het potje voorzien van het juiste label met alle gegevens die je nodig acht.
Eerste maal verspenen,
Wanneer de gekiemde zaden twee echte blaadjes hebben,de plantjes tot juist onder de kiemblaadjes in de potgrond planten op een afstand van 4 à 5 cm of in kleine potjes van +/- 4 cm.(een plantschaal met meerdere vakken is uiteraard beter).
Regelmatig water geven,echter trachten de blaadjes niet te raken bij zonnig weer (verbranding,bruine vlekken).
Tweede maal verplanten,
Wanneer de plantjes elkaar gaan hinderen(8 à 10 cm hoogte)deze verplanten in potjes van 9 cm doorsnede en terug water geven.Om vergissingen te vermijden elk potje voorzien van een label.Het afdekken van de plantjes is niet meer nodig,
Derde maal verplanten,
Nu mogen de goed gegroeide planten (eind april of later) hun definitieve plaats krijgen.
Dit kan in de serre,in een geschikte pot of buiten.
Opgepast voor nachtvorst!!! Na 15 mei ben je min of meer zeker.
Sommige rassen zijn beter geschikt om buiten te zetten dan andere,het afdekken tegen de regen is echter aan te raden.
Bij het uitplanten worden de planten (klimmers)voorzien van een steun door middel van een touw of plantstok waaraan ze op regelmatige afstand vastgemaakt worden.Bij struiken is het soms nodig om meerdere steunen of een kooi met draad te plaatsen.Andere rassen hebben helemaal geen steun nodig,de trossen liggen dan op de grond (wel wat mulch plaatsen) of hangen over de potrand of ze zijn sterk genoeg om de trossen te dragen.
Verzorging,
Regelmatig zullen er in de oksels van de tomatenstam en de bladstengel uitlopers (dieven) ontstaan.Deze dieven moeten met alle klimmers weg genomen worden.(uit knijpen)
Bij grote struiken moeten niet alle dieven uitgeknepen worden (vorm geven aan de plant,licht in brengen.)
Kleine of kompakte struiken nooit dieven!!!
Wanneer er dieven vergeten zijn en deze te groot zijn geworden,is het raadzaam een mes te gebruiken om deze scheuten weg te snijden.
Wanneer er te veel blad aan de plant komt kan hiervan een gedeelte weggenomen worden om het rijpen van de trossen te bevorderen.Op het einde van het seizoen,of wanneer het niet anders kan,de kop van de plant afsnijden,zodat er geen nieuwe bloemen verschijnen en de laatste tros nog rijp wordt.
Een tomatenplant moet zoveel mogelijk zijn water in de grond gaan zoeken,bevordering van het wortelgestel.Alleen wanneer de bladeren gaan hangen water geven.Nooit overdrijven!!!
Wanneer men te veel water geeft in één keer,bestaat de mogelijkheid dat de vruchten open barsten en ziekten de kop opsteken.
Veel succes.